
Veelgestelde vragen
Op deze pagina staan de meest gestelde vragen, inclusief antwoord. Heb je een vraag? Mail ons: wij antwoorden graag >
Algemeen
Biobased bouwen is een bouwmethode waarbij materialen worden gebruikt die van natuurlijke, hernieuwbare oorsprong zijn en tijdens hun groei CO₂ hebben opgenomen. Voorbeelden zijn hout, vlas, hennep, stro, lisdodde, miscanthus en mycelium. Deze materialen zijn klimaatvriendelijker dan traditionele bouwmaterialen zoals beton en staal.
Biobased materiaal slaat CO2 op en is daarmee een duurzaam én toekomstbestendige bouwmethode. De grondstoffen zijn hernieuwbaar en aan het einde van hun levenscyclus vaak composteerbaar en herbruikbaar. Ook dragen biobased materialen bij aan een gezond binnenklimaat. Als laatste: veek biobased mateiralen kunnen lokaal geteeld worden.
30-30-30 omvat de ambitie om in 2030 minstens 30% van de nieuwbouwwoningen met minimaal 30% biobased materialen te realiseren.
Denk aan zowel nieuwbouw als verduurzaming van je eigen vastgoed, vastgoed waarop je invloed hebt (bijvoorbeeld onderwijs en zorg of GWW bij gemeenten), prestatieafspraken tussen gemeenten en woningcorporaties, gebiedsontwikkeling met gemeenten, woningcorporaties, ontwikkelaars en de afspraken in de woondeal 2030 met een enorme opgave.
Waarschijnlijk kom je samen met je collega’s al snel tot de conclusie dat er meer kansen zijn dan je op het eerste gezicht dacht. We denken graag met je mee!
Biobased materialen kunnen voldoen aan dezelfde brandveiligheidseisen als conventionele materialen. Vaak worden ze behandeld met brandvertragende middelen of op een zodanige manier verwerkt (bijvoorbeeld ingekapseld in gips) dat ze voldoen aan de brandveiligheidsnormen. Sommige biobased materialen, zoals strobalen met leemstuc, hebben zelfs uitstekende brandwerende eigenschappen.
[nog aanvullen met KOMO verhaal]
Biobased bouwen hoeft niet duurder te zijn. In oktober 2024 is er een brochure beschikbaar gesteld die 50 woningbouwconcepten beschrijft met alle prestaties die deze woningconcepten leveren. De concepten zijn objectief doorgerekend door Cirkelstad, Alba Concepts en Building Balance. Ruim 30 concepten zijn minimaal 30% biobased, zonder meerkosten.
Goed om te weten: door toenemende schaalvergroting en ervaring dalen de kosten steeds verder.
Bij juiste toepassing en onderhoud kunnen biobased gebouwen zeer duurzaam zijn. Er zijn houten gebouwen die honderden jaren oud zijn. De sleutel ligt in goed ontwerp (bescherming tegen weersinvloeden), kwaliteitsvolle materialen en regelmatig onderhoud.
Hout: Voor constructie, gevels, vloeren en afwerking.
Isolatiematerialen: Cellulose, hennep, vlas, stro, schapenwol.
Afwerkingsmaterialen: Leem, kalk, biobased verven.
Composieten: Materialen op basis van natuurlijke vezels en biohars.
Bij correct ontwerp en uitvoering vormen vocht en schimmel geen probleem. Veel biobased materialen hebben juist goede vochtregulerende eigenschappen. Belangrijk is om bouwfysisch correct te detailleren, met name bij dampdichte en dampdoorlatende lagen.
Er zijn momenteel al heel veel producten beschikbaar waarmee nu al ge- of verbouwd kan worden. Er wordt landelijk met de Nationale Aanpak Biobased Bouwen gewerkt om binnen de regionale ketensamenwerkingen bestaande en nieuwe product markt combinaties te stimuleren, maar ook bestaande producten door te ontwikkelen. Hieruit ontstaat ook weer een nieuwe lijn met producten. Alles is een kwestie van vraag en aanbod, waarbij de meeste producenten nog steeds capaciteit over hebben, dus bij de toename van de vraag makkelijk kunnen opschalen. Daarnaast wordt er met conceptuele bouwers gewerkt aan product markt combinaties, waarbij tussenhandel niet meer plaats zal vinden, maar de agrariër rechtstreeks (of via een vezelcoöperatie) combinaties kan maken. In het worst-case-scenario dat er geen regionale vezels beschikbaar zouden zijn, is het aanbod van biobased materialen uit bijvoorbeeld Duitsland zonder enige twijfel voldoende om aan de vraag te kunnen voldoen.
Building Balance heeft in samenwerking met OnderhoudNL, diverse onderhoudsbedrijven en corporaties de gids Handleiding biobased verduurzamen in de bestaande bouw uitgebracht. Hierin staan de beste alternatieven voor traditionele oplossingen, getest in de praktijk. Ook is er een gids met de belangrijkste bouwdetails voor biobased renovatie beschikbaar. Deze twee gidsen worden doorlopend aangevuld.
Gespecialiseerde biobased bouwwebshops, zoals Groene Bouwmaterialen en specialist Warmteplan geven een goed overzicht van de beschikbare materialen en bieden ook voor de particuliere markt de mogelijkheid om biobased materialen aan te schaffen.
Maar ook bouwgroothandels voor de zakelijke markt, zoals BMN, Bouwcenter en Witzand hebben inmiddels veel biobased producten in hun assortiment. Zij geven op maat advies aan zowel opdrachtgevers als -nemers.
Op dit moment wordt 2-3% van de woningbouwopgave biobased uitgevoerd.
Circulair bouwen richt zich op het hergebruiken van materialen en het voorkomen van afval, terwijl biobased bouwen draait om het gebruik van hernieuwbare, natuurlijke materialen. Beide concepten vullen elkaar aan: biobased materialen passen goed in een circulaire economie omdat ze hernieuwbaar zijn en vaak biologisch afbreekbaar. Niet alle circulaire materialen zijn biobased (bijvoorbeeld hergebruikt staal) en niet alle biobased toepassingen zijn optimaal circulair ontworpen.
Inblaasstro heeft een isolatiewaarde λ = 0,046, constructief 90 – 110 kg/m, Brand E. Hennepwol heeft een isolatiewaarde λ = 0,039 – 0,043, constructief 40 kg/m³ en Brand E; B2.
Minder overlast voor de bewoners, betere kwaliteitsborging (techniek, bouwfysica en energie), hogere arbeidsproductiviteit (met minder mensen, meer woningen), makkelijkere bouwlogistiek, standaardisatie mogelijk (hierdoor kans op industriële productie) en het is te combineren met het vervangen van de bestaande dakpannen (MJOB koppelkans)
Toekomstbestendig aanbesteden
Ja, dat kan! Een mooi voorbeeld is de uitvraag van de Havendame in Deventer. Hier kreeg men extra punten als er met de regionale ketensamenwerking Boeren voor Biobased Bouwen zou worden samengewerkt in de uitvoering. De toetsing kan de lokale keten in ondersteunen, voor de Achterhoek kan dit bijv. ondersteuning krijgen van ketenregisseur Arne Eindhoven.
Biobased bouwen hoeft niet specifiek genoemd te staan in je vastgoedstrategie. Zorg dat je in de uitwerking met kleine stapjes begint, maak je projectteam en organisatie enthousiast en werk er gelijktijdig aan om biobased in je strategie een plek te geven. Biobased is natuurlijk ook onderdeel van circulair en dat hebben velen al wel opgenomen. Maar het past ook goed onder de kop CO2-reductie. Kortom: als je wil, zijn er vele mogelijkheden!
Op het moment dat een gemeente of corporatie start met een gebiedsontwikkeling en daarbij een biobased ambitie heeft, kan zij zich melden bij de ketenregisseur van Samen Biobased Bouwen: Arne Eindhoven. Een expert vanuit Building Balance wordt ingezet om de ontwikkeling op de juiste wijze in gang te zetten en uit te rollen. Building Balance begeleidt op dit moment bijvoorbeeld Gemeente Brummen met twee gebiedsontwikkelingen met een biobased ambitie. Ook met een regionale corporatie is dit traject inmiddels opgestart.
Indien je vanaf de planfase biobased meeneemt in het ontwerp is het niet vertragend. Ook vanuit het Rijk is de overweging: versnelling in woningbouw is met name te vinden in conceptueel bouwen, zo staat overigens niet alleen in de Nationale Aanpak Biobased Bouwen maar ook in het Regeerakkoord (p.30).
Al in de uitvoering van de Woondeals en de opdracht tot versnelling is gekeken naar conceptueel bouwen. In de conceptenbrochure 2024 staan 50 concepten, waarin ook het aandeel biobased in concepten is doorgerekend. Conclusie: conceptueel bouwen leent zich uitermate goed voor het toepassen van biobased materialen en uit het onderzoek blijkt: dat gebeurt ook al!
Dus of je nu voor een concept met of zonder biobased kiest, de snelheid blijft gelijk of biobased is zelfs sneller (door prefab mogelijkheden).
– Formuleer duidelijke ambities en prestatie-eisen
– Gebruik meetinstrumenten zoals MPG (Milieuprestatie Gebouwen), BREEAM of GPR
– Vraag om een flexibel, aanpasbaar ontwerp
– Stimuleer innovatie door ruimte te geven aan nieuwe oplossingen
– Hanteer een Total Cost of Ownership (TCO) benadering in plaats van alleen naar initiële kosten te kijken
– Werk met een Total Cost of Ownership (TCO) benadering in plaats van alleen aanschafkosten.
– Monetariseer milieueffecten via instrumenten als MPG, MKI of CO₂-schaduwprijs.
– Vraag om een LCA (levenscyclusanalyse) van verschillende oplossingen.
– Neem naast prijs ook kwaliteitscriteria mee zoals gezondheid, comfort en flexibiliteit.
Er zijn meerdere mogelijkheden voor het waarmaken van bovenwettelijke ambities zonder grondpositie. Een gemeente kan bijvoorbeeld regels stellen over de onderwerpen die niet zijn geregeld in een rijksregel (zoals het Besluit bouwwerken leefomgeving) op grond van zijn verordende bevoegdheid in een omgevingsplan (artikel 4.2 Omgevingswet). Of bij het opstellen van een beeldkwaliteitsplan bij een gebiedsontwikkeling (welstand, dit gaat over het uiterlijk van bouwwerken). Vanuit welstandsoogpunt kunnen (rand-)voorwaarden over materialisering worden gesteld, mits het geen bouwtechnisch voorschrift betreft. Dit biedt mogelijkheden om over het uiterlijk van bouwwerken ook indirect vanuit het oogpunt van duurzaamheid voorwaarden op te nemen over specifiek materiaalgebruik.
Toekomstbestendig bouwen
Toekomstbestendig bouwen betekent dat gebouwen ontworpen worden om langdurig waardevol te blijven, ondanks veranderende omstandigheden zoals klimaatverandering, demografische verschuivingen en technologische ontwikkelingen. Dit omvat aspecten zoals aanpasbaarheid, energie-efficiëntie, klimaatbestendigheid en circulariteit.
Flexibiliteit: De mogelijkheid om de indeling of functie aan te passen.
Energieneutraal of -positief: Minimaal energieverbruik en eigen opwekking.
Klimaatadaptief: Bestand tegen weersextremen zoals hitte, droogte en wateroverlast.
Circulair ontwerp: Materialenpaspoort, losmaakbare verbindingen, herbruikbare componenten.
Gezond binnenklimaat: Goede ventilatie, daglichttoetreding, gezonde materialen.
Biodiversiteit: Natuurinclusief bouwen voor flora en fauna.
Slimme technologie: Voorbereid op technologische innovaties.
– Groene daken en gevels voor koeling en waterberging
– Schaduwvoorzieningen (zoals overstekken of beplanting) tegen hitte
– Waterberging op eigen terrein en waterbestendig bouwen
– Goede isolatie en thermische massa voor stabiel binnenklimaat
– Natuurlijke ventilatiemogelijkheden
Op de website van het Nationaal Kenniscentrum Biobased Bouwen (NKBB) is meer verdieping op biobased bouwen te vinden. Op kennisplatforms zoals het Netwerk Conceptueel Bouwen, Expertisecentrum Circulair en Biobased Bouwen, PIANOo (Expertisecentrum Aanbesteden) Transitieteam Circulaire Bouweconomie en de website van de RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) is meer informatie over o.a. toekomstbestendig bouwen te vinden.
Ja, er zijn verschillende subsidie- en stimuleringsregelingen, zoals de Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE), Subsidie Energiebesparing Eigen Huis (SEEH), MIA\Vamil (fiscale regelingen voor milieu-investeringen) en diverse regionale en lokale subsidieregelingen.
Raadpleeg altijd de meest recente informatie bij RVO of je gemeente, aangezien subsidieregelingen regelmatig veranderen.
